Denken over eten – van 1941 tot nu

Op 27 maart 2014 verschijnt het boekje Van schaarste naar overvloed dat ik schreef in opdracht van het Voedingscentrum. Een geweldige opdracht omdat de geschiedenis van ons denken over eten – sinds het begin van de Tweede Wereldoorlog tot nu – verrassend veel vertelt over de geschiedenis van Nederland.Van Schaarste naar Overvloed_render

Met mijn neus in al die folders en brochures (van recepten voor tulpenbollen en erwtenmeel tot goedbedoelde adviezen aan tienermeisjes die in de jaren zestig massaal ‘aan de lijn’ gingen) was het alsof ik in een aflevering van Andere Tijden was beland. En zo heb ik ook geprobeerd het op papier te zetten.

Aan de hand van al dat beeldmateriaal zie je, ook in de voedingsadviezen, de tijd kleuren. Van ronduit betuttelend worden de adviezen in de jaren zeventig en tachtig geleidelijk aan minder dwingend. In de jaren negentig lijkt dat een beetje door te schieten – de eigen verantwoordelijkheid gaat voor alles – en na de millenniumwisseling kiest het Voedingscentrum duidelijk positie.

Interessant is ook hoe de burger op die voedingsadviezen reageert. De argwaan wordt groter, de boodschap (eet minder vet, minder zout, meer vezels en vooral gevarieerd) lijkt steeds ongewenster. Anderzijds neemt de ontvankelijkheid toe voor ongefundeerde en soms ronduit onzinnige opvattingen die vooral op internet te vinden zijn. Kortom, de ‘goede raad die niet duur is’ – zoals de voorlichters het zelf in de jaren vijftig formuleerden – staat aan alle kanten onder druk.